De sinterklaastijd overleven

Vanaf de intocht staat je huis drie weken op spanning: kinderen die stuiteren, schoentjes die gezet willen worden, en een moeder die 's avonds nog rijmpjes zit te typen. De sinterklaastijd is prachtig én slopend, en dat tweede mag je gewoon hardop zeggen. Met deze tips houd je het leuk, ook voor jezelf.
- Bepaal vooraf hoe vaak de schoen gaat. Bijvoorbeeld twee keer per week, en communiceer dat als bericht van Sinterklaas zelf: "De Sint komt bij ons op woensdag en zaterdag." Dan is niet elke ochtend een teleurstelling of een onderhandeling.
- Leg een voorraadje schoencadeautjes aan. Een doos met kleine dingen en wat chocolade op een geheime plek voorkomt paniekbezoekjes aan de supermarkt om tien uur 's avonds. Klein en simpel is echt genoeg: het gaat om het ritueel, niet om de waarde.
- Stem af met school, opvang en opa's en oma's. Wie geeft wat, en wanneer? Zo voorkom je dubbele cadeaus, overvoerde kinderen en het gevoel dat het hele land jouw kind aan het verwennen is.
- Verwacht kort lontjesgedrag en neem het niet persoonlijk. Spanning, donkere dagen en overal pepernoten: de meeste kinderen zijn deze weken sneller boos of in tranen. Dat is geen opvoedprobleem, dat is december.
- Gebruik de Sint niet als dreigmiddel. "Anders krijg je niks" werkt hoogstens vijf minuten en maakt een bang kind banger. De sfeer wordt er nooit beter van, de decemberweken wel langer.
- Wees voorbereid op de grote vraag. Vraagt je kind of Sinterklaas echt bestaat, vraag dan eerst terug: "Wat denk jij zelf?" Twijfelende kinderen zijn er vaak aan toe, en het geheim mogen doorgeven aan kleintjes maakt het verlies zachter.
- Houd pakjesavond klein en kort. Zeker met peuters is een berg cadeaus vooral overprikkeling. Een paar pakjes, om de beurt uitpakken, en op tijd afronden: het feest zit in de spanning vooraf, niet in de stapel.
- Rijm op de makkelijke manier. Vier regels is genoeg, en niemand controleert het metrum. Bewaar je gedichten trouwens: volgend jaar is de helft herbruikbaar.
En op 6 december slaap je uit, voor zover dat kan, en ruimt niemand de pepernootkruimels op. Ook dat hoort bij de traditie.